Vivaz
Kaas & communicatie
Foto: Pixabay.com

Foto: Pixabay.com

‘Heb je Maaslander? Doe maar een onsje.’

De man kijkt de winkelier niet aan terwijl hij zijn bestelling doet.

 

Op de toonbank ligt een kaasplank met blokjes kaas, om te proeven. De man heeft schijnbaar nog niet ontbeten en schuift het ene na het andere stukje kaas naar binnen. Luid smakkend vervolgt hij zijn bestelling: ‘Onsje nagelkaas’.

 

‘Hoeveel meneer?’ De winkelier heeft de man niet verstaan. ’N ons’ is het ultra korte antwoord, wederom zonder de winkelier aan te kijken. ‘Wissel dat zakje maar even om voor deze’, zegt de man en begeleid deze opmerking met een wegwerpgebaar. Ondertussen praat hij tegen zijn partner die tijdens het bestellen de winkel doorkruist.

 

De winkelier blijft keurig in zijn rol, maar zijn non-verbale communicatie spreekt boekdelen.

 

Ondertussen voel ik bijna een plaatsvervangende schaamte en probeer ik te bedenken wat de reden kan zijn dat de man zich zo gedraagt. Waarom kijkt hij de winkelier niet aan, waarom spreekt hij geen enkele keer het eenvoudige maar o zo doeltreffende woordje ‘alstublieft’ uit?

 

Slecht huwelijk? Problemen op zijn werk? Of is het in zijn jeugd al mis gegaan?

Ik ben benieuwd naar je reactie!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

* *